donderdag 30 juni 2016

De eilanden in de Atlantische oceaan.



Begin juni vertrekken we vanuit Den Helder met als bestemming Kirkwall op de Orkney Islands. Tegelijk met de Mischief verlaten we de haven en blijven wel anderhalve dag in elkaars buurt. Het is rustig weer en de eerste twee dagen kunnen we goed zeilen. Daarna raakt de wind op en moet de motor er jammer genoeg bij. We zien een paar keer dolfijnen en hoe hoger we komen, hoe meer Noorse stormvogels er rond de boot vliegen. De zeekoeten en de papegaaiduikertjes duiken snel onder water als ze ons gele monster aan zien komen. Dinsdag bijna middernacht varen we bij de Copinsay onder prachtige avondluchten luchten naar Kirkwall.



Het eerste gedeelte zit er na drie en een halve dag op.






Het is lekker om de benen te kunnen strekken en daarom wandelen we door het stadje. Het is een hernieuwde kennismaking, want we zijn er al vaker geweest. We blijven hier niet te lang nu het weer  goed is.

De zon schijnt uitbundig als we vertrekken. We zien erg veel vogels binnen de eilanden van de Orkneys. Eenmaal de vuurtoren van Noup Head voorbij komt er een mooi lopend windje .





Na anderhalve dag zeilen liggen we op het zuidelijkste eiland van de Faroer. Het is precies middernacht als we vastleggen. De havenmeester, die ons aan zag komen, helpt een handje en de volgende ochtend zullen we alles verder regelen. Zoals het inklaren bij de douane. Dit is op de Faroer een formaliteit en dus binnen vijf minuten geregeld.

Tegen koffietijd stopt er een auto en stappen onze kennissen Saevar en Joannes uit die we acht jaar terug hebben leren kennen. Het ontvangst is allerhartelijkst. Ze hebben een tas met bolletjes, boter, kaas, jam en een pak melk mee en bij hen thuis staat de koffie al klaar. We moeten dus direct mee.





















Het worden een paar gezellige dagen. We krijgen de auto van Saevar mee om Suderoy rond te rijden, krijgen twee grote vissen van vissers die hun lading aan het lossen zijn en een zak stokvis van wildvreemde mensen etc etc. Van Joanes krijgen we de visbollen mee die als delicatesse op de menulijst in restaurants staan, we eten wafeltjes en andere Faroerse lekkernijen. Wat worden we verwend.

Tijdens een rondrit horen we veel over de geschiedenis van het eiland. Interessant om te horen en Saevar heeft er duidelijk plezier in om alles te vertellen.




De vuurtoren bij de Akraberg, waar het flink kan spoken en veel stroming staat.

We horen en zien veel vogels tijdens onze wandelingen.





Hier nemen we de beslissing om niet naar Groenland te gaan.
Er zijn vele redenen waarom wel of niet, maar onze wens om andere activiteiten te ondernemen wordt steeds groter.
We blijven daarom op de Faroer en gaan dan naar de Shetlands en willen dan oversteken naar Zuid Noorwegen. De winter zijn we weer in Nederland.

Van Suderoy zeilen we naar het eilandje Nolsoy. Dit ligt een paar mijl ten oosten van Torshavn. Het is een mooi wandeleiland en we lopen de trail van in totaal 15 km naar de vuurtoren.


Voldaan zijn we aan het einde van de middag weer aan boord. Bij het strandje aan de haven zwemmen de kinderen in het water. Wij hebben de jas er nog bij aan. Op onderstaande foto zie je hoe smal Nolsoy op een gedeelte van het eiland is. De zee heeft hier een geweldige kracht. Je moet er niet aan denken wat er gebeurd als het eiland in tweeen breekt. Het dorp is dan helemaal weg.




Natuurlijk varen we naar de overkant en doen Torshavn aan. We huren een auto om alle plaatsen waar we nog niet geweest zijn aan te doen. Veel eilanden zijn met soms erg donkere tunnels aan elkaar verbonden.

















De rammen lopen gewoon tussen de ooien en dragen soms een plank of een drijfboei om de nek. Kan er tussentijds niets gebeuren!





Elk dorpje heeft zijn kerkje en haventje.
Ook hier lopen we een trail van 20 km over de heuvels naar een oud dorpje Kirkjubour en bezoeken verschillende musea.



Als we naar de Shetlands gaan staat er nog een pittige wind en dat is weer even wennen. Aan het begin van de avond wordt het een stuk rustiger en wordt het zeilen veel aangenamer. Het lijkt wel of we er een abonnement op hebben, maar na het ronden van de bekende vuurtoren Muckle Flugga op de noordpunt van Unst, liggen we weer tegen middernacht in het haventje van de Balta Sound.

Op zee zagen we de zon prachtig ondergaan.


Unst is een mooi eiland met veel natuur en geschiedenis over o.a de Vikingen. Vooral het gebied van Hermaness is heel rijk aan vogels.




De grote jagers broeden hier in grote getale. Op de heenweg zat deze dame op haar nest. Op de terugweg zagen we haar eieren.
















De papegaaiduikers zijn er niet zoveel meer en dat is jammer. Het zijn koddige en vooral nieuwsgierige vogeltjes met fel gekleurde snavels die in holen in de grond broeden. Vaak hoor je dan hun zachte gebrom.












Jan van Genten zijn er ook heel veel. Aan de witte rotsen kun je van verre al zien en ruiken waar ze zitten.


                                                                                                                We fietsen en wandelen veel. Op een van die tochten komen we in een kudde Shetlandpony's terecht. Een van hen heeft een veulen. Wat zijn die paardjes klein.









Er wordt veel aandacht aan Vikingen geschonken en langs de kant van de weg staat een groot Vikingschip. In het bootmuseum staan er nog veel meer.



Onlangs was er een stuk over Unst en de Balta Sound op de televisie. Daar kwam deze bushalte in voor. Er liggen allemaal landkaarten, atlassen en Lonely planets in. En een gastenboek waar ieder toerist zijn / haar naam in schrijft. Er staat een stenen papegaaiduiker naast.


 









De  orchidee groeit hier goed. Het landschap fleurt en van op. Ook de weilanden zijn geel van alle bloemen en wit van het wollegras.



Ja en dan wordt het weer tijd om verder te gaan. In het volgende blog meer.

vrijdag 27 mei 2016

Bijna klaar voor een nieuw avontuur.

De winter in Nederland is voor ons snel voorbij gegaan.
We hebben veel gedaan en genoten van de kinderen en kleinkinderen. We zijn naar Alaska geweest waar zoon Erik woont. Een erg mooie omgeving met een fantastische natuur.








In het voorjaar maakt een kwikstaartje een nest in de bok waar de boot op staat. De ouders zijn  druk bezig met het aanslepen van vliegjes en langpoten voor hun jongen. Een prachtig gezicht.    






Nu is het tijd om de boot gereed te maken voor de volgende reis.


Anderhalve week geleden is de Saraban'de te water gegaan en ze is weer helemaal in haar element. De voorraden liggen bijna op hun plek en de kaarten en pilots zijn uitgezocht.













Onverwacht wordt het vertrek nog een paar dagen uitgesteld, omdat er nog zonnepanelen op het dak komen. Het komt niet op een dag aan als je de tijd aan je zelf hebt.

We hopen regelmatig het blog bij te kunnen werken en jullie op de hoogte te houden van onze belevenissen.



maandag 1 februari 2016

Weer terug.


Op verzoek van verschillende mensen en vooral voor Hetty toch  nog het laatste stukje van onze terugtocht  naar Nederland.

Aan deze kade liggen we vijf dagen.

Ik ben gestopt met de zin dat we in Skudenes liggen en wachten tot we de oversteek naar Nederland kunnen maken. Aan kade waar we liggen gaat Wim eerst kijken wat er aan de hand is.Vlak voor de haven maakte de motor een vreemd geluid. De koppeling slibt. Om een lang verhaal kort te maken: de motor moet eruit om de keerkoppeling los te kunnen maken en te repareren. Het zal moeilijk worden om het hier te repareren en het zal veel tijd kosten ....  Oef da's niet niks.

Er hangt een mooie barometer in het dorp.
                                                                                                                                                            Veel vragen en afwegingen wat we zullen doen. Uiteindelijk valt de beslissing: we gaan zeilend terug naar Nederland en kunnen de motor onderweg niet gebruiken! Dat is best spannend allemaal.

Het weer op de Noordzee is nog slecht, vooral aan de zuidkust staat er veel wind. Pas woensdag zal het wat rustiger worden. Helaas is dan bijna alles tegen wind. Onze vrienden van de Vlieger liggen hier ook en we maken met z'n vieren elke dag een lange wandeling in de omgeving. 
We genieten van de natuur om ons heen. Het is al half augustus geweest en er lopen nog lammetjes van een paar dagen oud in de wei. 


Zonnedauw.




Vertrek Skudenes.
                                                                                                                                                                     
                                                                                                 




Er komen regelmatig mensen langs om even een praatje te maken. Van een buurtbewoner krijgen we een pot zelfgemaakte bessenjam. En dan is het al snel woensdag en vertrekken we. Om de zuidpunt van Noorwegen blijft er een stevige wind staan, maar we willen alle vier weg. 

Joep en Marie- Jose slepen ons tegen de middag naar open water. Als je hier de havenmond uit vaart kun je al snel het zeil zetten. Gelukkig is de wind gunstig en hebben we geen last van de ondieptes en rotsen aan stuurboord van ons. In het begin is het nog rustig, dus de start is prima. Later trekt de wind aan en we zien de Vlieger vrolijk dansen op de woelige golven.  Bij ons zal het niet veel anders zijn.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                        
                          
Het is prettig dat de zon schijnt. 's Nachts moeten we uitwijken voor kabelleggers die vlakbij een boortoren bezig zijn. Al met al leggen we heel wat mijlen meer af nu de wind uit het zuiden komt en we regelmatig overstag moeten.

Het wordt een dag wat rustiger en de wind draait naar het oosten, dus we kunnen nu rechtstreeks koers zetten naar Vlieland. Bij de diepwaterroute is het erg druk met boten. De vrachtboten varen aan alle kanten om ons heen. Gelukkig kunnen we gewoon blijven zeilen en hoeven we niet uit te wijken. Twee ochtenden zien we de zon prachtig mooi opkomen.






In de scheepvaartroute vlakbij de eilanden is het rustig en kunnen we beide routes zonder problemen oversteken. Deze laatste nacht op zee waait het weer stevig.
 Als we dan op zondag tegen de middag het blokgebied van de Brandaris binnen zeilen roep ik de bemanning op en vraag of de reddingsboot ons bij de aanloop ton op kan pikken en ons de haven van Vlieland binnen kan slepen. Door de wind en de stroom die tegen is, zal het moeilijk worden om dit alleen op het zeil te doen.
De Brandaris zal de kustwacht waarschuwen en even daarna krijgen we een seintje dat ze straks klaar zullen staan. De laatste 10 mijl hebben we de wind in de rug en de golven zijn woelig zo dicht bij de kust.






Als we bijna bij de aanloop ton zijn, roepen we nogmaals de Brandaris op en we krijgen te horen dat de Graaf van Bylandt vertrekt en ons tegemoet komt. Al snel zien we ze aankomen en vanaf de Huibert Dijkstra, de rib die meegekomen is, komt een opstapper bij ons aan boord. Hij neemt poolshoogte of alles goed is en haalt samen met Wim het zeil naar beneden. Dan wordt de sleeplijn vastgemaakt en varen we richting de haven. We krijgen door de golfslag zo nu en dan nog een flinke plens water over ons heen.






Het is zondagmiddag, prachtig weer en een harde wind. Alle elementen voor een mooi plaatje. Zo stonden er mensen op het strand, die foto's maakten en ze ons later toestuurden.




Ook bij de havenmond staan veel mensen te kijken. De bemanningsleden van de reddingsboten leggen ons vlak voor het havenkantoor heel netjes aan de kade. We zetten, na 14 maanden weggeweest te zijn, weer voet op Nederlandse bodem! Gelukkig hebben we geen last van windstiltes gehad en konden we de hele overtocht blijven zeilen!





Al snel komen Joep en Marie-Jose aanlopen. Zij zijn anderhalf tot twee uurtjes eerder aangekomen.
                                                                                                                                                                   







  Er blijft de komende dagen zoveel wind staan dat we nog even op Vlieland blijven. 



Natuurlijk maken we dan lange wandelingen over het strand.




Ja en dan moeten we nog verder naar Den Oever natuurlijk.
In de Boontjes zal gekruist moeten worden, daarom komt zoon Bas over en zal samen met Wim
de boot naar het IJsselmeer zeilen. Ik zal op de kleinkinderen passen.
We ontmoeten elkaar even in Harlingen als ik aankom en hij zal vertrekken.



De havenmeester sleept ze de volgende dag de haven uit en alles gaat naar wens. In de Boontjes moeten ze 24 maal overstag en bij de sluis van Kornwederzand krijgen ze een sleep van een charterboot.


Op het IJsselmeer gaat het zeilen tot halverwege het meer prima. Daarna zakt, ook volgens de berichten, de wind helemaal in. De rubberboot wordt opgepompt en naast de boot gebonden. Zo maken ze drie knopen in de goede richting en komen in de avond in Den Oever aan.

De boot gaat al snel de kant op en nu ik dit schrijf is de keerkoppeling gemaakt en staat de motor weer op zijn plek.
We zijn druk bezig met de voorbereidingen voor de volgende reis die richting Groenland zal gaan. De bedoeling is dat we eind mei zullen vertrekken. Vanaf die tijd probeer ik het blog dan weer regelmatig te updaten.